Ik woon in Haarlem en zie de stad in rap tempo veranderen. In de winkelstraten staan veel panden leeg. De leukste, mooiste en vooral meest specialistische winkels verdwijnen uit het straatbeeld en de panden blijven leeg staan of worden ingevuld door ambachtslieden die niet simpel iets over de toonbank schuiven maar vooral iets doen en door winkels waar de klant zelf iets kan doen.

Denk in de eerste categorie aan barbiers, tattooshops, ambachtelijke bakkers en bijvoorbeeld nagelstudio’s en in de tweede categorie aan pasta workshops, chocolade workshops en stroopwafel workshops. En daartussendoor natuurlijk een alsmaar groeien aantal koffietentjes die vooral ook ruimte bieden aan digital nomads met laptops die er urenlang zitten te werken.

Iedere vorm van city management dat ervoor zou kunnen zorgen dat straten door hun aanbod echte trekpleisters worden, lijkt volledig te ontbreken. Ik denk dan altijd aan mijn favoriete ‘food’ straten in Parijs met alleen maar bakkers, patisseries, viswinkels, groentewinkels, poeliers, slagers, traiteurs, chocolatiers en verder alles wat met ‘food’ te maken heeft. Die straten zijn fantastisch voor wie er in de buurt woont maar ook een toeristische attractie die extra bezoekers trekt. De winkels vullen elkaar aan, inspireren elkaar en de klant die voor de bakker komt, laat zich gemakkelijk verleiden bij een andere winkel nog iets anders mee te nemen.

Opticiens zijn gelukkig ook nog steeds ambachtslieden die met hun oogonderzoeken en ateliers iets toevoegen aan wat ze verkopen en passen daardoor nog altijd goed in het veranderende straatbeeld. Een nog altijd prachtige en solide basis om de branche verder uit te bouwen en bekender en populairder te maken.











